Isolatie

Eerste stap om het pand energieneutraal te maken is de energiebehoefte te verminderen door isolatie.

De opgave hierbij is om isolerende materialen en technieken toe te passen waarvan:

– het materiaalgebruik duurzaam is, zodat de besparing in energiegebruik niet ten koste gaat van natuurlijke reserves;

– de toepassing omkeerbaar is, zodat het monument onaangetast blijft en in de toekomst met nieuwe inzichten, nieuwe materialen en technieken kunnen worden toegepast;

– de toepassing gezond is, het huis laat ademen en daardoor een goed binnenklimaat creëert.

vlas

De volgende energiemaatregelen worden toegepast.

Het dak wordt aan de binnenzijde geïsoleerd met 12 cm hennepwol.

De vloer wordt geïsoleerd met schuimglas.

De wanden worden geïsoleerd met houvezelplaten en leemstuc. Een oude techniek die met name in de Duitse vakwerkhuizen wordt toegepast. Op de wand wordt een dunne laag leem aangebracht, daarop houvezelplaten (met op enkele plaatsen wandverwarming), deze worden afgestuct met leem en uiteindelijk glad afgewerkt met weer een dunne laag leem.

Dit proces is volledig omkeerbaar, de leem kan van de wand worden gespoeld (al is dat voorlopig niet de bedoeling).

Aan de binnenzijde in de ‘verdikte’ wand worden achterzetramen geplaatst. Hierdoor ontstaat een spouw tussen het originele buitenraam en kozijn dat onaangetast blijft. De achterzetramen worden met ‘ overmaat’ uitgevoerd waardoor het oorspronkelijke raam ook vanaf de binnenzijde zichtbaar blijft.aanzicht raam

Uitzondering op de bovenstaande isolatiemaatregelen zijn de serre en de hal.

De serre wordt niet geïsoleerd, zoals gebruikelijk is deze op de zonzijde gebouwd en fungeerde vroeger als warme kamer in koude tijden. Die functie blijft gehandhaafd. Het is erg lastig om isolatie als leemstuc aan te brengen in deze kleine ruimte met veel details in ramen en hoeken. Alleen het glas wordt vervangen door isolerend monumentaal glas. Voor het overige fungeert de serre in zijn geheel als een spouw naar het hoofdhuis.

Op de eerste verdieping in de bakondeuren wordt ook geisoleerd met isolerend monumentaal glas.

Ook de hal kent veel details, waardoor het lastig is om isolatie aan te brengen, zowel door de bewerkelijkheid hiervan als omdat hier koudebruggen kunnen ontstaan. Aangezien de achtergevel weinig monumentaal karakter heeft, wordt deze aan de buitenzijde geïsoleerd. Hiervoor wordt vlaswol gebruikt. Ook in de achtergevel worden voorzetramen geplaatst, die net als de ramen aan de binnenzijde een overmaat krijgen waardoor het originele raam met kozijn zichtbaar blijft.

Naast isolatie wordt de energievraag ook gereduceerd door het gebruik van energiezuinige apparatuur met A-label of bijvoorbeeld led-verlichting en het weglaten van overbodige apparatuur zoals een wasdroger.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *